maandag 1 oktober 2012

Afbraak

Wanneer ik naar reclames op t.v. kijk, lijkt het alsof ik continu de boodschap krijg: zo moet je zijn. Spuit dit luchtje op en word net zo mysterieus als dit model. Dan wil iedereen je. Of drink dit bier en word de man die je diep van binnen al bent. Alsof het gebruik van een product mijn identiteit zou kunnen veranderen, denk ik dan smalend. Het bier eindigt ontdaan van alle alcohol in het toilet en het luchtje is al na een dag vervlogen. Heeft het in de tussentijd iets gedaan met wie ik ben? Ik zou het liefst zeggen van niet, maar als ik eerlijk ben denk ik dat het wel iets doet. Het helpt in ieder geval met het verschaffen van een gevoel van identiteit. Ik drink nu dit bier en iemand anders drinkt dit bier nu niet. Dat is een onderscheid. Alles wat me onderscheidt van anderen, geeft mijn eigen identiteit vorm.

Reclames ergeren me. Ze spelen continu in op het verlangen iemand anders te zijn dan je bent. En dat terwijl ik niet eens zou kunnen zeggen wie ik nú ben. Hoe kan ik dan iets anders willen zijn? Ik ken mijn vertrekpunt niet goed genoeg om ergens anders heen te willen. Moet ik niet eerst beter om me heen kijken en mezelf leren kennen? Dat is de vraag. Wie ik ben houdt me bezig, maar dat betekent niet dat er een antwoord is. In ieder geval geen antwoord dat in woorden valt te vatten, zoals ik in mijn vorige bericht al schreef. Ook al heb je een verzameling eigenschappen – slim, grappig, lui, slordig – in je hoofd, het zijn maar woorden. Het gaat er mij niet zozeer om wie ik ben, maar wát ik is. Identiteit is meer dan een hoop regels over jezelf. Het is een gevoel, iets subjectiefs. Maar dat maakt het juist zo lastig, want op die manier is ‘ik’ altijd iets anders. Een constante stroom gedachten en gevoelens met betrekking tot mezelf. Dat ben ik. Aangenaam.

Wanneer iemand je naar je karakter vraagt, is het niet erg praktisch om te antwoorden met: ‘Ik ben een constante stroom gedachten en gevoelens met betrekking tot mezelf.’ Het heeft een reden dat we onszelf willen omschrijven, dat we het gevoel van ‘ik’ onder woorden willen brengen. Je zou nergens aangenomen worden als je niet kunt zeggen wat je goed en minder goed kunt. Maar woorden binden. Wie ik nu ben, ben ik morgen niet meer. En vandaag ben ik iemand anders dan tien jaar geleden. Toch ben ik geneigd om een woord dat ooit bij mij hoorde, voor altijd bij me te willen houden. Het geeft een gevoel van vastigheid, een stevig rotsblok dat ik vast kan houden. Een woord of zin over mezelf – ik kan goed schrijven – legt iets vast en helpt me om verder te bouwen aan mijn identiteit – ik ben een schrijver! Uiteindelijk word ik toch weer een bouwwerk van woorden. En dat terwijl woorden slechts symbolen zijn voor datgene wat ik niet op een andere manier uit kan drukken. Ze zijn vluchtig en nauwelijks geschikt om iets van te bouwen. Waarom gebruik ik ze dan toch daarvoor?

Het is hier en nu – 2012 in het Westen – heel belangrijk om jezelf te zijn. Wat het betekent weet ik niet, maar ‘jezelf zijn’ wordt in mening tijdschrift als het hoogste goed beschouwd. Van jongs af aan worden ons al eigenschappen opgeplakt en leren we hoe we onszelf moeten omschrijven. Een individualistische cultuur, waar zelfverwezenlijking het maximaal haalbare is. Ik wil iemand zijn en daarom bouw ik aan mezelf. Het is me ingeprent. De laatste tijd ben ik echter aan het afbreken. Als ik dan toch een constante stroom gedachten en gevoelens met betrekking tot mezelf ben, kan ik net zo goed stoppen te proberen mezelf onder woorden te brengen. Je kunt geen huis op een stroom bouwen. Mijn identiteit is vluchtig en geen doel op zich. Hooguit een idee dat ik soms nodig heb om te kunnen vertellen wie ik ben, maar dat me evengoed dwars kan zitten. Hoe vaak botst de werkelijkheid tenslotte niet met mijn beperkte idee van mijn identiteit? Daarom wil ik eigenlijk geen eigenschappen hebben als vaststaande regels in mijn hoofd. En ik wil zeker niet die man uit die reclame worden, of mezelf verwezenlijken – wat dat ook moge zijn. Ik wil elke dag zijn wie ik ben op dat moment en verder niets. Maar zelfs dat is een zin die mij kenmerkt en een identiteit aanmeet…

Het liefst wil ik mezelf vergeten.

(Oorspronkelijk op 17 september gepost)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten