'Ben jij gelovig?'
Het werd een paar keer aan me gevraagd de laatste tijd. Iedere keer als ik als hulpverlener bij een gezin op de bank zat.
'Nee, ik ben niet gelovig', heb ik iedere keer als antwoord gegeven.
Een antwoord dat niet helemaal eerlijk voelde, maar wat had ik dan moeten zeggen? Ben ik gelovig? Ik geloof het niet. Maar 'nee' op die vraag antwoorden voelt alsof ik alles van tafel schuif. Ben ik dan automatisch ongelovig, of niet religieus? Nou ja... Ik houd ervan om hard te lopen door de regen, tussendoor in de Rijn te springen en mijn hele lijf te voelen prikken door de kou. Het maakt dat ik me levend voel en meer één met dat wat om me heen is. De rivier, de bomen, de elementen. Misschien is het de god van Spinoza waar ik dan contact mee heb. Ik geloof niet in een leven na de dood, maar ik geloof wel dat er nooit iets verandert in de totale energie waaruit alles bestaat. Die gigantische batterij die de werkelijkheid is raakt niet leger als ik sterf. Hij verandert een beetje. Dat waar ik van gemaakt ben vervalt en de energie die ik was wordt nu de energie van andere wezens, andere dingen. En soms als ik aan het klimmen ben, vergeet ik mezelf en word ik helemaal mijn lichaam. Een meditatieve staat waarin ik die moeilijke route kan nemen.
Misschien dat het meer spiritualiteit dan religie heet, maar wat is religie? De ergste uitwassen kan ik niet anders dan als gemuteerde memen beschouwen, ideeën die tot dogma's zijn geworden en nu voor onverdraagzaamheid, misbruik en oorlog zorgen. Spirituele leiders zijn nooit heilig. Het zijn mensen die je kunnen inspireren, maar die ook de fout in kunnen gaan. Je kunt hun woorden tot je nemen, of alleen dat deel dat je bevalt. Degene die ik het meest serieus neem, vertellen me dat ik mijn eigen weg moet vinden.
Blijkbaar geloof ik dat ik alleen een persoonlijk pad kan volgen. Maar om dat uit te leggen als antwoord op die vraag... Wat me verwondert is dat het voor sommige mensen zo eenvoudig is.
'Ben je gelovig?'
Een kruisje bij 'ja' of een kruisje bij 'nee'.
Deemstering: tussen licht en donker, op de tijd van de dag waarop het licht dan wel donker wordt.
dinsdag 22 november 2016
donderdag 3 november 2016
Mist
De wereld is in een sluier gehuld
Nevel zet het leven stil
Alles achter het wit is weg
Onwetendheid voorbij de eerste meters
Maagdelijke mogelijkheden liggen
In het stof van voorheen
Ik zie ze ontstaan en weer vergaan
Wachtend op mijn ademtocht
Hoe zou het zijn straks
Als de nieuwe dag onthuld wordt
Is het een toverachtig landschap
Leeft er iets ondenkbaars op
En mag het nog even duren
Voordat het zover is
Voordat mijn fantasieën zich
Zien verdampen in het ochtendlicht
dinsdag 27 september 2016
Bekeken
Hoe vreemd is het om klaar te zijn
iets waar je al die tijd naar uitkeek
Het einde eindelijk in handen en
dan is er niets
De verwachte opluchting blijft weg
de euforie waarvan je dacht:
'Die neemt het over!'
wacht en laat de ruimte leeg
Hooguit melancholie danst
heen en weer over de bühne
verdwijnt achter gordijnen na
een vluchtig passenspel
De belichting licht de leegte door en
ziet pijnlijke afwezigheid van iets
dat altijd al nooit dáár was
en onverwacht al lang
bekeken blijkt
donderdag 24 maart 2016
Verwarrend
Gisteren heb ik mijn laatste dienst gewerkt op de plek waar ik acht jaar en één maand geleden begon. Ik heb een taart gebakken, herinneringen opgehaald en ben erachter gekomen dat ik in al die jaren vierenveertig jongeren op de groep heb gehad. Veel tranen, kwetsbaarheid, soms wat agressie, maar vooral veel plezier, mooie momenten en mensen die iets van mij geleerd hebben - en van wie ik iets heb geleerd. Toen ik gisteravond terug naar huis fietste wist ik niet of er een woord was voor de emotie die ik voelde. Want alhoewel het mijn eigen keuze is om te vertrekken en om nieuwe dingen te gaan doen, voelde het toch alsof ik een stuk van mezelf daar achterliet, alsof ik een band moest doorsnijden waar ik eigenlijk niet aan wilde komen. Ik moest huilen op de fiets, maar volmondig verdriet was het niet. Ik voelde me niet slecht, ik voelde me niet goed, ik voelde me gewoon vreemd. En ik bleef denken dat er een woord moest zijn voor hoe ik me voelde, maar ik kon er niet op komen en zodoende kon ik het ook niemand echt duidelijk maken, dus voelde ik me ook nog eenzaam.
'Het gevoel dat hoort bij het afsluiten van een plek waar je zowel mooie als moeilijke tijden hebt meegemaakt en waarbij de oprechte wens om te vertrekken het niet minder moeilijk maakt om ook daadwerkelijk te gaan.'
Ik denk dat het zoiets was. Als iemand het begrip bij de definitie weet dan hoor ik het graag. Tot die tijd zwem ik wat rond in deze verwarrende poel emoties...
'Het gevoel dat hoort bij het afsluiten van een plek waar je zowel mooie als moeilijke tijden hebt meegemaakt en waarbij de oprechte wens om te vertrekken het niet minder moeilijk maakt om ook daadwerkelijk te gaan.'
Ik denk dat het zoiets was. Als iemand het begrip bij de definitie weet dan hoor ik het graag. Tot die tijd zwem ik wat rond in deze verwarrende poel emoties...
woensdag 24 februari 2016
De werelden
Het lijkt erop dat er twee werelden zijn.
Ik heb in de ene gezeten de afgelopen tijd. Het is een wereld van vooruit denken en van plannen. In deze wereld wordt er nagedacht en heeft geld een waarde die zich in geluk uitdrukt, maar altijd voorbij vandaag. Later, als je er genoeg van hebt, dan pas. In deze wereld heeft alles een doel. Rechte lijnen waarvan je niet weet of ze jouw leven volgen, of dat jij hen volgt. In deze wereld zijn er zorgen, want wat als je van de lijnen afwijkt? Buiten de lijnen kan er van alles gebeuren. Er valt niet tegenop te plannen of vooruit te zien.
Laten we dit de tweede wereld noemen. De eerste kan het niet zijn. Ik herinner me een wereld waar ik als kind in zat en dat was zeker niet deze.
De eerste wereld dan. Vooruit kijken lukt niet in die wereld. Rechte lijnen bestaan niet. Cirkels hooguit, spiralen die uitdijen of al naar gelang je perspectief in zichzelf verdwijnen. Je kunt er alle kanten op. Eindeloze mogelijkheden en vooral ongedefinieerd geluk. In deze wereld staat er niets vast, stroomt alles. Mijn creativiteit heeft er geen begin en geen eind. Het is er gewoon. Ik kan ervan maken wat ik wil.
Is er een perfecte balans tussen de twee werelden? Mijn verstand zegt dat het verstandig is om zoveel mogelijk in de tweede te zijn. Dat is beter voor mijn toekomst. Maar iets anders - mijn gevoel waarschijnlijk - wil altijd naar de eerste. Dat is beter voor het heden.
Ik heb in de ene gezeten de afgelopen tijd. Het is een wereld van vooruit denken en van plannen. In deze wereld wordt er nagedacht en heeft geld een waarde die zich in geluk uitdrukt, maar altijd voorbij vandaag. Later, als je er genoeg van hebt, dan pas. In deze wereld heeft alles een doel. Rechte lijnen waarvan je niet weet of ze jouw leven volgen, of dat jij hen volgt. In deze wereld zijn er zorgen, want wat als je van de lijnen afwijkt? Buiten de lijnen kan er van alles gebeuren. Er valt niet tegenop te plannen of vooruit te zien.
Laten we dit de tweede wereld noemen. De eerste kan het niet zijn. Ik herinner me een wereld waar ik als kind in zat en dat was zeker niet deze.
De eerste wereld dan. Vooruit kijken lukt niet in die wereld. Rechte lijnen bestaan niet. Cirkels hooguit, spiralen die uitdijen of al naar gelang je perspectief in zichzelf verdwijnen. Je kunt er alle kanten op. Eindeloze mogelijkheden en vooral ongedefinieerd geluk. In deze wereld staat er niets vast, stroomt alles. Mijn creativiteit heeft er geen begin en geen eind. Het is er gewoon. Ik kan ervan maken wat ik wil.
Is er een perfecte balans tussen de twee werelden? Mijn verstand zegt dat het verstandig is om zoveel mogelijk in de tweede te zijn. Dat is beter voor mijn toekomst. Maar iets anders - mijn gevoel waarschijnlijk - wil altijd naar de eerste. Dat is beter voor het heden.
vrijdag 19 februari 2016
Wat te doen met het hier en nu?
De afgelopen tijd verlies ik mezelf regelmatig in gedachten over de toekomst, in uit te voeren plannen en overtuigingen als: 'Wanneer dit voorbij is, dán begint het leven weer...' De laatste twee gepubliceerde gedichten zijn het bijproduct van al dit denken, wikken en wegen en plannen. Vandaag las ik in Ayya Khema's 'Be an Island' de volgende zinnen: 'Clinging to being alive projects us into the future: so that we cannot attend to the present. There is no life in the future, it is all ideation, conjecture, a hope, and a prayer. If we really want to be alive and experience things as they are, we have to be here now, attending to each moment.'
Het eerste wat ik dacht toen ik dit las, was: 'Ja, makkelijker gezegd dan gedaan, maar hoe moet dat dan met mijn pensioenopbouw? Daar moet toch ook over nagedacht worden!'
Ik weet niet hoe Ayya Khema haar pensioen geregeld had - ze is inmiddels overleden - maar om nu geen enkele gedachte aan de toekomst te wijten dat lijkt me niet zo verstandig. Ik kan niet in de toekomst kijken en weet niet hoe oud ik zal worden, maar de kans dat ik mijn pensioengerechtigde leeftijd haal is vrij groot. Op dat moment vind ik het ongetwijfeld fijner om 'in het hier en nu te zijn' als mijn boterham met een goede plak kaas belegd is in plaats van droog brood te eten. Het is allemaal volstrekt niet boeddhistisch verantwoord wat ik nu schrijf - verlangen naar een plak kaas! - maar ik kan niet ontkennen dat ik zulke dingen denk.
Misschien dat de historische context waarin het boeddhisme ontstaan is me iets meer kan leren over hoe ik hier in deze tijd mee om moet gaan. Toen het boeddhisme in het noorden van India opkwam was het leven ongetwijfeld minder zeker en pakte de kansberekening of iemand wel/niet zijn oude dag ging halen wellicht niet zo gunstig uit dan nu. De medische zorg was minder goed, oorlogen konden gemakkelijker uitbreken en de voedselproductie was in veel grotere mate afhankelijk van veranderlijke weersomstandigheden. In zulke onzekere tijden kan ik me voorstellen dat het meer loont om van het hier en nu te genieten dan om na te denken over je pensioen. Tegenwoordig kan nog steeds alles gebeuren en staat niets vast, wat dat betreft maak ik me geen illusies. Desalniettemin zou je kunnen stellen dat de kans om oud te worden vele malen groter is. In die zin is iemand die zich totaal niet bezighoudt met zijn oude dag misschien degene die het hier en nu ontkent. Tegelijkertijd is de mate waarin ik mezelf de afgelopen tijd geplaagd heb met gedachten over de nabije en verre toekomst niet prettig en vooral niet functioneel geweest.
Dat brengt ons bij de vraag waar de grens ligt tussen nuttige gedachten en overbodige gedachten over de toekomst. Zou die grens verschoven zijn ten opzichte van 2500 jaar geleden? Misschien wel en zou er in het hedendaags boeddhisme iets meer ruimte moeten zijn voor dat wat voor ons ligt. Ik ervaar de idealen van volledig in het hier en nu zijn vaak als onrealistisch, passend bij een tijd waarin men nog als bedelmonnik door de straten ging of zich een leven lang in een klooster op kon sluiten. Het lijken antwoorden op vragen die niet bij mijn moderne leven passen. Ik wil gewoon weten hoe ik me staande houd in dit chaotische leven waarin er juist van me gevraagd wordt om alles te plannen en te overdenken en ik iedere dag keuzes voor de toekomst moet maken. Het blijft een vraag; iets om de komende tijd over na te denken en mee te mediteren.
Het eerste wat ik dacht toen ik dit las, was: 'Ja, makkelijker gezegd dan gedaan, maar hoe moet dat dan met mijn pensioenopbouw? Daar moet toch ook over nagedacht worden!'
Ik weet niet hoe Ayya Khema haar pensioen geregeld had - ze is inmiddels overleden - maar om nu geen enkele gedachte aan de toekomst te wijten dat lijkt me niet zo verstandig. Ik kan niet in de toekomst kijken en weet niet hoe oud ik zal worden, maar de kans dat ik mijn pensioengerechtigde leeftijd haal is vrij groot. Op dat moment vind ik het ongetwijfeld fijner om 'in het hier en nu te zijn' als mijn boterham met een goede plak kaas belegd is in plaats van droog brood te eten. Het is allemaal volstrekt niet boeddhistisch verantwoord wat ik nu schrijf - verlangen naar een plak kaas! - maar ik kan niet ontkennen dat ik zulke dingen denk.
Misschien dat de historische context waarin het boeddhisme ontstaan is me iets meer kan leren over hoe ik hier in deze tijd mee om moet gaan. Toen het boeddhisme in het noorden van India opkwam was het leven ongetwijfeld minder zeker en pakte de kansberekening of iemand wel/niet zijn oude dag ging halen wellicht niet zo gunstig uit dan nu. De medische zorg was minder goed, oorlogen konden gemakkelijker uitbreken en de voedselproductie was in veel grotere mate afhankelijk van veranderlijke weersomstandigheden. In zulke onzekere tijden kan ik me voorstellen dat het meer loont om van het hier en nu te genieten dan om na te denken over je pensioen. Tegenwoordig kan nog steeds alles gebeuren en staat niets vast, wat dat betreft maak ik me geen illusies. Desalniettemin zou je kunnen stellen dat de kans om oud te worden vele malen groter is. In die zin is iemand die zich totaal niet bezighoudt met zijn oude dag misschien degene die het hier en nu ontkent. Tegelijkertijd is de mate waarin ik mezelf de afgelopen tijd geplaagd heb met gedachten over de nabije en verre toekomst niet prettig en vooral niet functioneel geweest.
Dat brengt ons bij de vraag waar de grens ligt tussen nuttige gedachten en overbodige gedachten over de toekomst. Zou die grens verschoven zijn ten opzichte van 2500 jaar geleden? Misschien wel en zou er in het hedendaags boeddhisme iets meer ruimte moeten zijn voor dat wat voor ons ligt. Ik ervaar de idealen van volledig in het hier en nu zijn vaak als onrealistisch, passend bij een tijd waarin men nog als bedelmonnik door de straten ging of zich een leven lang in een klooster op kon sluiten. Het lijken antwoorden op vragen die niet bij mijn moderne leven passen. Ik wil gewoon weten hoe ik me staande houd in dit chaotische leven waarin er juist van me gevraagd wordt om alles te plannen en te overdenken en ik iedere dag keuzes voor de toekomst moet maken. Het blijft een vraag; iets om de komende tijd over na te denken en mee te mediteren.
donderdag 18 februari 2016
Houvast gezocht
Iets om vast te houden, een groot
stuk rots misschien, iets
onvergankelijks van steen dat
altijd is zoals het altijd was
Vaste grond onder het vege lijf en
de kille aanwezigheid van levenloze
zekerheid, het basalt dat mij
gestalte geeft, een as waaromheen
alles draait
Levenssediment zo hard dat het zijn
waarde nooit verliest, het plan voor
morgen en vandaag in steen gebeiteld, daar
ligt het, zie je het dan niet?
Of is de stroming de constante
is het verdriet de wet is
elke waarheid morgen al tot
stof geërodeerd en weg gespoeld
Is al die zekerheid alleen verzekerd van
het waardeloze lot
stuk rots misschien, iets
onvergankelijks van steen dat
altijd is zoals het altijd was
Vaste grond onder het vege lijf en
de kille aanwezigheid van levenloze
zekerheid, het basalt dat mij
gestalte geeft, een as waaromheen
alles draait
Levenssediment zo hard dat het zijn
waarde nooit verliest, het plan voor
morgen en vandaag in steen gebeiteld, daar
ligt het, zie je het dan niet?
Of is de stroming de constante
is het verdriet de wet is
elke waarheid morgen al tot
stof geërodeerd en weg gespoeld
Is al die zekerheid alleen verzekerd van
het waardeloze lot
vrijdag 12 februari 2016
Erachter
Ik smeer de kieren in vandaag
met het visioen van morgen dicht
totdat het plaatje klopt en er geen scheur
of barst meer zichtbaar is
Een glad geplamuurde dag, iedere twijfel
gevuld, verdachte naden gedicht, het
decor van een levensecht leven, daar
voorbij kan er toch niets meer zijn
Het houdt het altijd lang genoeg om te geloven
dat het echt is, even maar
te kort om te onthouden hoe het was, het
vast te houden
En dan opnieuw die plannen, die dromen
lapmiddelen voor het heden, waar
het kiert en kraakt en er wellicht
een man naar binnen gluurt vanuit
de plek achter de dingen en
zich helemaal kapot lacht
Of is er niets misschien
een leegte zonder echo, een
vormeloze ruimte, niet
eens een slechte grap
Abonneren op:
Reacties (Atom)
