Met het cultiveren van je aandacht bereik je een beter gehoor voor die muziek. Het mooie is dat het niet verveelt. Je kunt het blijven onderzoeken, want de symfonie is nooit precies hetzelfde. Vroeger dacht ik dat blij zijn gewoon blij zijn was. Je kon een beetje blij zijn, heel erg blij of iets daartussenin, een trapsgewijze verdeling die je emoties overzichtelijk hield. Nu is er niets meer in me dat 'blij zijn' heet. Wel dingen die klinken als blij, alhoewel ze nooit precies hetzelfde klinken. Het arrangement is altijd anders. Je weet nooit wie er deze keer gaat soleren.
Het betekent niet dat de muziek altijd mooi is. Ook in donkere tijden is het er, alhoewel de neiging om dan vooral niet te luisteren groot is. Wie wil die dissonante tonen van zelfkritiek en dat aritmische geklop van een gestrest hart horen? Toch levert het iets op om dat wél te doen. Alhoewel de muziek altijd anders is, kun je de patronen gaan ontdekken. En omdat je niet meer krampachtig als dirigent op probeert te treden, gunt de muziek je na een tijdje juist wat meer controle. Het is alsof de muziek eerst helemaal gekend wil worden, voordat je het stokje krijgt. En om het te leren kennen moet je luisteren.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten