Ik had vandaag ontzettende jeuk aan mijn neus aan het begin van mijn meditatie. Het was zo erg dat ik me bijna niet kon weerhouden te krabben, maar ik heb het niet gedaan. Alhoewel er in principe niets mis mee is even aan je neus te krabben tijdens een meditatie - onverstoorbaarheid hoeft geen sektarische vormen aan te nemen - heb ik me voorgesteld dat deze fysieke jeuk een oefening was voor iets anders. Mentale jeuk. Een gedachte die irriteert en terug blijft komen en die je eigenlijk helemaal niet wilt denken. En toch tettert hij iedere keer door je hoofd. De kunst is om er niets mee te doen. De gedachte alleen is maar een gedachte. Hij wordt nog vele male vervelender als het een stroom van andere gedachten oproept. Misschien ben ik volgend jaar mijn baan wel kwijt, zo weinig wordt er nu in de zorg geïnvesteerd. Hoe moet het dan met de hypotheek? Waar kunnen we op bezuiniging? Kan ik dan nog wel naar de sportschool? Kunnen we dan nog wel hier blijven wonen....
Het is de kunst om een wig te drijven tussen de zinnen in je hoofd. Misschien ben ik volgend jaar mijn baan wel kwijt, zo weinig wordt er nu in de zorg geïnvesteerd. En dan niks. Geen gedachten die omvallen als dominosteentjes. Achter al die zinnen is ruimte. Alsof je een stukje blauwe lucht ziet tussen de wolken. Daar moet je zijn. Soms lukt dat alleen als je de gedachte er gewoon laat zijn. Het is een gedachte, het is jeuk. Vervelend maar onschuldig. Negeren helpt net zo goed als krabben heb ik gemerkt. Na een paar minuten mediteren was ik mijn jeuk vergeten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten